zaterdag 13 mei 2017

Terugtocht van de TOFINO

Van april tot juni was de TOFINO bezig met de vaart van het Caribisch gebied naar Nederland. Gedurende de vaart van de Azoren naar Plymouth wordt duidelijk dat twee bemanningsleden door tijdgebrek in Plymouth van boord moeten stappen. Mijn dochter vraagt of ik het laatste stuk wil opstappen. Op maandag rijd ik met de echtgenote van een van de bemanningsleden mee, als zij naar Plymouth gaat, om haar man op te halen. In Calais nemen we een hotel en de volgende ochtend om tien voor negen de tunnel. Onderweg vernemen we dat de TOFINO inmiddels is afgemeerd in Plymouth. Om twee uur komen wij aan. We verkennen de stad even, gaan eten en vroeg naar bed. De volgende dag de noodzakelijke foerage gedaan en eind van de middag besloten met het tij mee te motorzeilen naar Weymouth. Het is hobbelig op zee en heel koud het grootste deel van de nacht staat de radar bij in verband met de mist. We hebben gerekend op twee keer stroom mee en een keer tegen. Bij Portland is het nog ongeveer 8 zm als het tij net begint mee te lopen. We verleggen de koers naar Pool harbour. Het zicht is het ene moment goed en het volgende moment slecht. Als we de afslag naar Pool harbour moeten nemen verleggen we de koers naar Lymington. We hadden verwacht met het kenteren van het tij bij de Solent aan te komen maar we zijn iets te vroeg. Hierdoor hebben we twee uur nodig om van de Needles naar Lymington te komen. Het is inmiddels weer avond geworden en we kunnen op de Solent in polo en korte broek buiten zitten. Bij Lymington aangekomen benutten we de heerlijke avond (achteraf gezien het enige moment van de hele reis) en het meelopende tij om toch maar door te varen naar Portsmouth. We meren om 11.00 uur af aan de fuel ponton want de dienst doende bewaker weet niet of er nog ergens een plek vrij is. Op vrijdag staat de wind oost en blijven we in Portsmouth. Zaterdag vertrekken we vroeg met het tij van de Solent mee naar buiten om net buiten Wight de stroom op te pakken tot Beachy Head, na de ronding van Beachy Head teren we nog op de stroomraffeling. Hierdoor hebben we 8,5 uur totaal het tij mee gehad en meren af in Eastbourne. Na tanken en overnachten gaan we zondag weer door naar Dover. We hebben het tij mee bij Dungeness slack en pakken daarna het tweede tij direct weer op tot Dover. Voor de maandag wordt het zicht poor and occasionly verry poor voorspeld. We blijven een dag liggen. Dinsdag om vier uur op en op weg naar Duinkerken. We zien veel rook op het strand en in de haven komen we tot de ontdekking dat we in een filmset beland zijn die over de bevrijding van Frankrijk in de tweede wereld oorlog gaat. Als we goed en wel afgemeerd zijn komen er tal van oude Engelse bootjes binnen lopen en op de steiger lopen de soldaten verkleumd van de koud en in dekens heen en weer.
Wij hadden het al koud in onze pakken met de nodige onderkleding dus voor de filmspelers is het afzien geweest. Woensdag lopen we net met een heel tij door naar Zeebrugge waar we met de eerste tegenstroom moeten wachten tot een containerschip in de haven gedraaid is. Donderdag plannen we het zo dat we om 11.30 in Vlissingen zijn waar we opgewacht worden door onze echtgenotes, kinderen en kleinkinderen. Samen varen we door naar Herkingen waar de TOFINO een nieuwe ligplaats heeft gekregen.

woensdag 10 augustus 2016

Voorjaarsperikelen.

> Nadat de boot het water in is gegaan wordt het toilethuis vervangen, marifoon gerepareerd en andere kleine klusjes die vorig jaar kapot gegaan zijn maar nog niet gerepareerd waren. Voor de kleinere klusjes die niet direct noodzakelijk zijn maak ik een lijstje en neem die onder handen op dagen waarop er toch niet gevaren gaat worden.
> Het eerste tochtje dit jaar gaat naar Middelharnis en geeft voor de heen als de terugweg een heerlijke zeiltocht zonder overstag te hoeven gaan.
> De kachel vertoont kuren en bouw ik een week later uit voor reparatie.
> Dan nadert de inslingertocht en is de kachel een dag voor vertrek klaar. Op de ochtend van vertrek bouw ik de kachel in laat hem anderhalf uur lopen. Alles werkt maar in de avond als de kachel weer aan moet laat hij het afweten en springt in de fabrieksvergrendeling. We moeten inslingeren zonder kachel.
> Elk jaar wordt er door de watersportvereniging een inslingertocht georganiseerd. Dit jaar zouden we de eerste dag naar Hellevoetsluis varen vandaar naar Scheveningen en oversteken naar Engeland. Afzakken langs de oostkust oversteken naar Oostende en terug naar Nederland. De weersverwachtingen zijn te slecht en er wordt besloten om de eerste dag maar naar Veere te varen. Een ijskoude tocht maar wel op het zeil goed te doen. In een stil Veere blijven we een extra dag liggen. In de boot ruikt het naar rotte eieren en na wat onderzoek blijkt een van de accu's aan het koken is en komt er accuzuur vrij uit het overdrukventiel. De volgende stop is in Middelburg en hier plaatsen we drie nieuwe accu's. Blijven even een dag liggen en moeten zelfs het ijs (hagel) van het dek scheppen. Zoveel is er gevallen. Daarna een paar dagen Antwerpen. Via Kortgene, Burg Haamstede, Goes naar Tholen. Bij de Bergdiepsesluis mogen we van de sluiswachter niet mee schutten gezien onze diepgang en samen met de On Y Va varen we naar een heel druk Zierikzee. Voor het eerst in 41 jaar zien we dat de sluis dicht is vanwege de hoge waterstand en moeten we een uur wachten. Gelukkig hadden we eerder op de dag een ligplaats gereserveerd.
> Na terugkomst in de haven bouw ik de kachel weer uit en breng hem opnieuw weg.
> Gezien het weer wordt er aan de klussenlijst gewerkt en wordt er niet gevaren. Pinksteren is gewoon ijskoud. Zodra er weer een paar dagen goed weer voorspeld worden spreken we af met vrienden om naar Goes te varen. Voor ons vertrek wordt het weer bijgesteld en wordt er heel veel regen voorspeld. We vertrekken op donderdagavond en varen naar de Heen om op vrijdag vroeg te vertrekken. De hele dag kunnen we zeilen met een snelheid variërend van 2,5 tot 6,5 knopen en komen om 14.50 uur aan bij de stadsbrug van Goes. Om vier uur mogen we naar binnen en vinden een plek in de stadshaven aan de steiger. Zaterdag door Goes en lekker in de zon zitten. Zondag varen we terug en pas om drie uur zien we de eerste regen. Om vier uur liggen we weer in de haven.

zondag 17 januari 2016

Suriname de tweede veertien dagen

Na 14 dagen gaan we naar een ander verblijf. Het is een klein huisje in Domburg dicht bij de haven. Het ligt aan de Surinamerivier. Hier staan veel minder huizen en is er veel meer bebossing. Vroeg in de morgen worden we gewekt door het gebrul van de apen. We zien grote kikkers en hagedissen langs het terras lopen. Regelmatig komen er grote en kleine vrachtschepen langs varen. Korjalen met toeristen en vissers ontbreken ook niet. Door het tropisch regenwoud drijven er in de rivier ook eilandjes van planten of bomen die met de stroom heen en weer gevoerd worden. Aan de haven is een zwembad waar we gebruik van mogen maken en dus ook geregeld doen aan het eind van een dag.
We bezoeken Libi Makandra waar Bianca vijf jaar geleden zou gaan werken als stage opdracht. Gedurende onze bezoeken aan Paramaribo en Albina rijden we ook lang de kazernes waar ik 42 jaar geleden gelegerd was. Ook gaan we langs het paleis waar ik op wacht heb gestaan. Het wachthokje wordt als zodanig niet meer gebruikt maar we maken er toch maar een foto van samen met mijn kleinzoon.

Domburg het Zandvoort van Suriname. Een groot contrast is het rivier harbour resort en het ernaast gelegen afmeerplaats voor korjalen die dienen als veerboot. Dat alles gescheiden door een hek.
Aan de ene kant van het hek de gewone bevolking luide muziek wachten op de volgende veerboot of terug komend en nog een versnapering nuttigen voordat ze naar huis gaan. Er zijn ook auto's die hun muziek zo luid zetten dat de hele omgeving er plezier van heeft. Ze hebben een installatie in hun auto zitten waar menig discotheek jaloers op is.
Aan de andere kant van het hek een wat luxer restaurant annex bar met zwembad. Hier komen alleen de buitenlanders of Surinamers die Nederlanders op bezoek hebben.
Uiteraard gaan we ook eten bij Rita. Het eethuisje waar alle zeilers komen.

Natuurlijk gaan we ook de jungle in. We boeken dit na telefonisch overleg rechtstreeks via internet. Je kunt het ook laten verzorgen door een organisatiebureau maar die rekenen dezelfde prijs en zetten er hun winst bovenop.
We hebben een huurauto en dus rijden we zelf naar Atjoni. Het begin van de weg, 75 km, is slecht maar de resterende 225 km hebben we een redelijke weg. Atjoni is het eindpunt van de weg en aan weerskanten van de weg staan 10 gebouwen. De weg loopt af in het water en is gelijk de afmeerplaats voor de korjalen. Hier is het een komen en gaan van korjalen en vanaf hier worden alle dorpen aan de rivier bevoorraad. We zien van alles voorbij komen tot matrassen toe.
Wij moeten bootsman Tudi hebben. Na afwijzing van een paar verzoeken of we een bootsman zoeken, komt er iemand naar ons toe die zegt door Tudi gestuurd te zijn om ons op te vangen. Of we even willen wachten in een wachtlokaal. Na drie kwartier komt Tudi en zegt dat we in kunnen stappen. De bagage gaat voorin met een zeil erover.
Dan volgt de tocht met een korjaal. We varen stroomopwaarts en moeten door een stroomversnelling. Het is even spannend maar onze bootsman stuurt de korjaal perfect door de stroomversnelling naar het hogerop gelegen rustige vaarwater. Na totaal een uur gevaren te hebben komen we aan. We zijn met twee meiden van rond de dertig de enige gasten in het resort. Krijgen koffie of thee aangeboden en krijgen uitleg over de mogelijkheden.
Dan wordt ons een hut aangewezen. Een simpele houten blokhut met alleen 3 bedden erin. We hebben ook nog een klein balkon met uitzicht over de rivier en een stroomversnelling. Er wordt gevraagd of we willen zwemmen. Dat zien we wel zitten en na een bevestiging wordt er een boot geregeld. We varen naar de overkant van de rivier en net voor de stroomversnelling kunnen we via een zandbank het water in.
Een keer in de twee dagen gaat de generator voor stroom 2 uurtjes aan. Na de zonsondergang moet je het doen met een petroleumlamp. We gaan nog even rond het kampvuur zitten voordat we moe naar bed gaan. De tweede dag gaan we het dorp in om te zien hoe men hier leeft. Iedereen is wel bezig. De een met een soort volkstuintje. Een plek in het bos dat vrij gemaakt is van planten en bomen. De ander met het maken van dergelijke vrije plek "veldje" in het bos. Dicht bij het dorp mogen de ouderen een "veldje" hebben. De jongere mogen alleen verder van het dorp een "veldje" houden. We hebben geluk want bij drie gezinnen wordt er cassavebrood gemaakt zodat we alle facetten van het productieproces kunnen zien. Het is een zeer arbeids intensief proces.
In de avond gaan we op kaaimannentocht. Met een korjaal in het donker de rivier op. Respect voor de bestuurder om in het donker de rotsen en ondieptes te vermijden.
Het douche water wordt opgepompt uit de rivier en spoelt na gebruik van de douche weer terug de rivier in. De derde dag gaan we een nabij gelegen dorp bekijken. Een wandeltocht van ongeveer drie kwartier via een pad door de bossen. Op onze laatste avond komen 6 mannen een zang en trommelconcert geven. De allerjongste uit het dorp zijn er ook en dansen rond het kampvuur. Na enkele nummers worden onze handen gepakt en moeten we meedoen.
Op dag vier gaan we terug. Tudi onze schipper is er al om half negen maar eer we kunnen vertrekken in verband met het ontbijt is het negen uur. Tot ontevredenheid van enkele reeds in de korjaal zittende mede passagiers. De verloren tijd moet ingehaald worden want het lijkt wel een raceboot. Bij de stroomversnelling scheppen we water. Dit water verdwijnt gelijk in de "bilg" onder de planken vloer.
Dan hebben we nog enkele dagen voor de boeg en brengen die door met het liggen aan het zwembad en winkelen in Paramaribo.
We vliegen terug naar Schiphol. Als we terug zijn krijgen we van de tuinman een berichtje dat hij drie weken eerder komt. De renovatie van de tuin komt nu in een stroomversnelling. De komende weken is er meer dan genoeg werk.

woensdag 25 november 2015

Suriname de eerste veertien dagen

De werkzaamheden aan de tuin zetten we even aan de kant. We doen de laatste boodschappen. Dan gaan we de koffers inpakken. We dachten met een koffer te kunnen volstaan maar dan blijkt dat we toch meer spullen voor de kinderen gekocht hebben dan we dachten. Het moet echt in twee koffers. Als handbagage hebben we een tas en een rugzak. Met de handweger kijken we of we niet te veel kilo's hebben. Als alles ingepakt is haal ik nog wat onkruid tussen de stenen op de oprit weg. Als we terug komen zal ik dat wel weer opnieuw moeten doen.
Dan is de vertrekdag aangebroken en staan we vroeg op en worden rond 8 uur opgehaald en naar het station in Den Bosch gebracht. Om 10.20 zijn we op Schiphol en lopen als eerste naar de balie van Suriname voor het verkrijgen van een toeristenkaart, dat ook gebruikt kan worden als visum. Bij de inchequebalie blijkt dat een van de twee koffers 2 kilo te zwaar is dus hevel ik een paar schoenen over naar de handbagage. We kunnen door naar de douane en net voor het instappen wordt er een verzoek gedaan om wat van de handbagage in het ruim te laten opbergen. Hoe krom kan het zijn. We vliegen met een Boeing 747 en het toestel zit helemaal vol. Begin van de avond komen we aan op Zanderij. Het duurt ruim anderhalf uur voordat we door de douane zijn. We worden opgehaald door de kinderen en kleinkinderen met de auto die we voor een maand hebben gehuurd. Er volgt een hartelijk weerzien en we gaan naar het appartement. Via internet hebben we een groot appartement gehuurd (met zwembad) waar we, met de kinderen, in kunnen. De kinderen hebben hier begin van de middag al hun intrek genomen. We praten nog wat met elkaar en als we naar bed gaan loopt het naar Nederlandse tijd tegen vijven. De eerste dag is er een van relaxen, geld wisselenen even over de overdekte markt lopen en in de middag met de kleinkinderen naar het zwembad in de tuin van het appartement. Het water is gewoon lauw. Ondanks de tropische bui is het heerlijk vertoeven in het water.
De tweede dag doen we boodschappen bij de Tulip. Een winkel waar bijna alle Nederlandse producten te koop zijn. We slaan voor een paar dagen in en gaan op ons gemak eens bezien wat we de komende tijd gaan doen. Het is heel warm en we maken diverse keren gebruik van het zwembad om wat af te koelen. Dit is de periode dat het regenseizoen ten einde loopt en overgaat in het droge seizoen. Dag drie gaan we in de ochtend naar de Paramaribo Zoo. Het is er druk want hier zijn de scholen met hun laatste week begonnen en die staat in het teken van schoolreisjes. Er loopt een hele school rond met elke klas een eigen shirt qua kleur of tekst.
We eten enkele keren warm in een van de vele eettentjes aan de waterkant. Ook lopen we verschillende keren door het centrum, kijken winkels en proberen aan het Surinaamse tempo te wennen. Je hoeft niet veel te doen of je kunt baden in transpiratie.

De Tulip is een supermarkt met veel Nederlandse producten. Wat hier wel opvalt is het aantal personeelsleden. Toekijken hoe hier iemand vakken vult, met een hand in de zak en met de andere product voor product in de vakken zet met een "tempo", is er een van verbazing. Bij binnenkomst vraagt een medewerker of we een winkelwagentje wensen. Bij ja gaat hij dat halen. Bij de kassa gekomen staat er iemand klaar om de boodschappen voor jou uit de kar te halen en op de band te leggen. De kassiere slaat het aan op de kassa. Dan staat er weer iemand klaar om de boodschappen in te pakken. Als je het winkelwagentje niet meer nodig hebt, wordt het weggebracht. Anders wordt het bij je auto weer opgehaald. En als het dan toch nog niet soepel loopt is er een supervisor die instructies geeft of zelf ook nog komt helpen.
Heel anders gaat het er aan toe bij de Combe, een Surinaamse supermarkt. Hier betaal je twee SRD voor het verkrijgen van een winkelwagentje maar krijg je 2,50 terug als je het wagentje ook terugbrengt. De supermarkt is ook iets anders dan wat wij gewend zijn. Een grote loods met golfplaten en ruime openingen aan de zijkanten. Houten stellages waar de producten in gezet zijn. Tientallen ventilatoren die de warme lucht verdrijven. Er staan producten van Albert Heijn, Spar en Markant in de winkel naast bekende en onbekende merkartikelen? De diepvriesgang is op zich een plaatje waard want er staan tientallen huisvriezers naast elkaar. Dan bij de kassa aangekomen leg je de boodschappen op een toonbank en schuift ze door richting kassiere. Er staat dan iemand klaar die elk product pakt en opleest wat de prijs is. De kassiere slaat dit dan aan op de kassa. Je levert het winkelwagentje in want buiten is er geen stoep of weg waar je met het winkelwagentje naar je auto kunt komen.

Door de stad lopende herken ik gebouwen en winkels zoals Prolasco waar ik 42 jaar geleden de fotorolletjes naar toe bracht.
We verbazen ons over het elektrisch net stopcontacten in bomen gemonteerd met aan elkaar gedraaide draden inplaats van kabelschoentjes of kroonsteentjes. Verbindingsdozen kennen ze hier niet. Als je dan ook nog bij sommige palen kijkt naar de aftakkingen die gemaakt zijn begrijp je gelijk waarom de elektra twee of meerdere keren per dag uitvalt. Soms voor een paar minuten en soms wel een uur lang.
Het rijden in dit verkeer is een uitdaging.
Ik leer er weer een paar regels bij. Een hand uit het raampje steken met het halt teken is, ik wil jouw weg indraaien, jij moet stoppen want ik ga rijden. Iets socialer kan het ook met een keer toeteren. Twee keer toeteren is dat je het er mee eens bent. Veel borden voor snelheid heb ik niet gezien maar gezien het soort wegen kun je op de meeste wegen toch niet hard rijden.
Op een rijbaan kwamen we zelf een groot gat in de weg tegen waar om het aan te geven een plank in gezet was. Deze stak een meter boven de weg uit. Op sommige wegen is het macadam zover weggezakt dat je als je de kuilen niet vermijd de onderkant van je wagen kwijt bent.

donderdag 3 september 2015

Winterstalling

Het is 18 juli en ik ben de boot weer winterklaar aan het maken. Afgelopen weekend zijn de zeilen er af gehaald met een lekkere temperatuur. Vandaag donderdag vaar ik de boot van de jachthaven van Steenbergen naar Noordschans. Morgen wordt de boot op een bok op de wal geplaatst. Er wordt in de haven vreemd gereageerd. Enkele zijn nog bezig hun boot nog vaarklaar te maken. Als vrijdag de boot op de wal staat realiseer ik me dat het vaarseizoen voor mij al weer voorbij is. Ik troost me met de wetenschap dat ik er dit jaar al 1350 zm op heb zitten en vanaf 16 maart aan boord ben geweest. Het onderwaterschip ziet er goed uit en na het afspuiten zitten er geen pokken of algen meer op. Ook het staartstuk en de schroef zijn gespaard gebleven van aangroei. De vier maanden geleden geplaatste zinkanode is op een paar restanten bij de bevestigingsschroeven na geheel op. Hij heeft zijn werk dus goed gedaan. De daarop volgende week rijden we een paar keer naar de boot. Deze staat eenzaam op de wal en met de ladder haal ik het wasgoed, kleren en de levensmiddelen alvast van boord.
De grote en zware spullen doen we in september wel. De komende tijd hebben we het te druk.
We hebben een onderhoudsarme tuin in de planning en daar moet veel werk voor verzet worden.
Alles wat ik daar zelf aan kan doen hoeft niet uitbesteed te worden.

zondag 12 juli 2015

Het laatste stuk

Het laatste stuk van de terugreis heeft even op zich laten wachten. Zodra ik thuis was aangekomen lagen er diverse karweitjes op me te wachten. Daarnaast hebben diverse bloklezers gezien dat ik bijna terug was en liep de agenda vol met afspraken.
Hier onder in ieder geval het laatste verslag van de terugvaart van Lissabon naar Nederland.
Wat ik nog niet vermeld had in de vorige blog was het feit dat bij het verlaten van de haven van Dover de Dongfeng net voor mij voer met in zijn kielzog de Mapfre.
Terwijl ik richting de schippinglane aan het varen ben zeil ik achter de Dongfeng door. Een Ferry wijkt uit voor ons en achter mij vaart de Mapfre de Dongfeng achterna.
Pas als beide Volvo Ocean racers voorbij zijn realiseer ik me dat ik tussen de twee wedstrijdschepen ben doorgevaren. (Zonder een van het te hinderen).
Een snelle rib vaart al filmend rond beide boten en op de televisiebeelden moet de ARVID te zien zijn geweest.
Vanuit Duinkerken vertrek ik om 7.30 met tegenstroom richting het noorden. Tegelijkertijd vertrekken er diverse zeilboten richting de Engelse kust. Door de tegenstroom maar de goede wind maak ik toch een acceptabele snelheid en vaar ik rond 14.30 voor Zeebrugge. Op dat moment begint de stroom mee te lopen en vlieg ik de Westerschelde binnen. De sluis bij Vlissingen door en uiteindelijk meer ik af in Middelburg. Hier ga ik een frietje eten en om 21.00 lig ik al in bed. Op zaterdag vaar ik het laatste stukje richting Brabant.

donderdag 18 juni 2015

Weer dichter bij Nederland

Vanmorgen eerst maar naar een supermarkt en brood gehaald. Engels brood. Dat is brood dat een week goed blijft. Lekker brood is iets anders. Het kan niet tippen aan een stokbroodje dat we de afgelopen maanden elke dag vers gingen halen. Daarna maken we alles klaar om te vertrekken. De boot wordt eveneens vertrek klaar gemaakt. We liggen in het Granville dok. De sluis gaat hier een paar uur voor hoog water open. Om 11.15 uur is het zover het tijdstip dat ik ook gepland heb om te vertrekken. In de binnenhaven zet ik het grootzeil en roep portcontrol op.
Ik mag eruit en om 11.30 zit ik tussen de havenpier. De voorspelling is dat er minder wind aan de Engelse kust zit en meer wind aan de Franse kant. Het is dus zaak om zo snel mogelijk de shippinglane over te steken en aan de Franse kant te komen. Bij de haven weglopende kan er direct een snelheid van ongeveer 6 knopen gelopen worden tot aan de shippinglane. Omdat die recht over gestoken moet worden is dat beetje wind te weinig om veilig over te steken en gaat de motor er een uur bij. Het is niet druk met de beroepsvaart en half weg de tweede baan is er niets meer te zien op de ais. Ik stel de koers bij en kan optimaal zeilen. Het loopt als een trein. Een boot die tien minuten voor mij is vertrokken heeft de oversteek meer noordelijk gezocht en blijft onder de Engelse kust varen. Door het water ligt de snelheid (met stroming mee) regelmatig rond de 10 knopen. Dover, Duynkerken in 5 uur en 20 minuten.
Om 10 voor vijf loop ik de haven van Duynkerken binnen en om half zes lig ik aan de steiger.
Twee dagen achtereen met de ideale wind en afstanden overbrugd in hele korte tijd.

woensdag 17 juni 2015

Nederland komt dichterbij

Vanmorgen ben ik met de sluis van 10 uur geschut en om 10.15 lag ik buiten. De voorspelling is een zuidwester met ongeveer 15 knopen wind volgens de gribfiles. De navtex geeft echter aan zuidwest 5 a 6 en in de avond uitschieters naar 7. De zee was als een spiegel maar dat zou spoedig veranderen. Het eerste uur lopen we net 6 knopen maar dan trekt de wind toch aan en neemt ook de snelheid nog toe. Na twee uur kan de stuurautomaat de golven niet meer bijhouden en liggen we behoorlijk te zwalken. Ik neem het over waardoor de wind beter in het zeil blijft staan. Voor Dungeness is het kermis en valt het niet mee de boot goed op de golven te houden. Het zijn inmiddels grote rollers geworden. Als we net voorbij Dungeness de hoek omgaan liggen we wat beschutter en daarmee ook wat minder hoge golven. Bij de aanloop van Dover gaat dat niet op. Net voor het binnenlopen staan er hoge golven. De lichten staan op drie keer rood. Na het oproepen van portcontrol worden de lichten aangepast en mogen we gelijk naar binnen.
Zodra we binnen de pieren zijn is het water glad genoeg om het zeil binnen te halen en de stootwillen en landvast en in orde te maken.
We krijgen achter in de haven een plek toegewezen achter een grote boot waardoor de zijwaartse wind geen vat heeft op de boot en ik de boot perfect de box kan insturen.
Om 10 voor vier meren we af en zijn we van Eastbourne naar Dover gezeild in 5 uur en 35 minuten.

zondag 14 juni 2015

Een mistbank, een regenbui en honderden vliegen.

Vier dagen horen we het gieren van een windkracht 7 a 8 en fluiten van wind door de masten. En dan op het begin van dag vijf geen wind. Er is een keuze om het Chanel Du Four te nemen maar dan moet het tij wel meezitten. We liggen ongeveer 10 zm hier vanaf. Het tij loopt mee in de vroege ochtend of begin van de avond. Gezien de opgebouwde golfslag besluiten we het tij in de avond te nemen. Dan is in ieder geval de golfslag een stuk minder. De tocht begint dan ook op de motor. Dat gaat de hele nacht door. Om een uur zitten we van het ene ogenblik in het andere in een dichte mist. We varen aan de zuidelijke kant van de shippinglane en blijven daar doorvaren. De radar staat bij en samen met de ais weten we in ieder geval dat we gezien moeten worden en wij zien de andere boten. Het is inspannend maar gaat goed. Dan valt het ons op dat de marifoon plotseling erg stil is maar we kunnen geen oorzaak vinden. De mistbank houdt gedurende 9 uur aan. Het is een een uurtje helder maar dan zien we op de radar achter ons een fikse bui aankomen. Hij blijkt met ons mee te varen en we zitten er gedurende 13 uur in. Met het wisselen van de wachten liggen de natte kleren op de vloer op een hoop. Met de regen krijgen we ook een vliegenplaag. Er strijken wel honderden vliegjes op en in de boot. Gedurende het eten moet je oppassen en bij elke hap kijken of er geen vliegen opzitten. De kuip ligt spoedig vol met vliegjes waar we op gestaan of gezeten hebben. We steken de shippinglane bij Guernsey over en varen verder aan de Engelse en noordelijke kant van de shippinglane. Een depressie houdt zich niet aan de voorspelling en verandert van richting. Dat brengt meer wind uit een andere richting met zich mee. Langzaam verdwijnen ook de vliegjes. Op het einde van dag twee begint dan ook de wind aan te wakkeren en is het gedaan met het rustig op een oor liggen. Binnen en buiten is het net een wasmachine. Ik noem dat wel het kurkentrekker gevoel. Gelukkig worden we niet zeeziek en gaan we met een hoge snelheid door naar Eastbourne. Hier komen we net na de middag aan. Onze hoofden suizen nog na van de golfbewegingen en we gaan wat nachtrust inhalen. De rest van de dag doen we rustig aan spoelen het zout van de boot en gaan vroeg naar bed. Zondag vandaag beginnen we met de boot van binnen weer toonbaar te maken.

De marifoon blijkt wel te zenden maar niet meer te ontvangen. Daar komt ik achter na in de haven enkele oproep tests gedaan te hebben. Gelukkig heb ik een zelfde unit als reserve alleen zonder Atis. Ik vervang de unit en alles werkt weer.
De komende dagen waait het uit het noordoosten met z'n 15 tot 20 knopen met uitschieter naar en windkracht 7. We blijven dus liggen in Eastbourne. Vanaf woensdag lijkt het dat de wind weer uit zuid en west gaat komen en zullen we weer verder gaan richting Nederland.O

dinsdag 9 juni 2015

Camaret sur Mer

Diegene die de positie via de ais in de gaten houdt heeft het al gezien. We zijn weg uit Spanje.
Na een paar dagen in Camarinas gelegen te hebben kwam er een weerraam van drie dagen. Geen optimaal weerraam. Als we dit voorbij zouden laten gaan zouden we nog zeker tien dagen in Spanje moeten blijven.
Het kenmerk van dit weerraam was weinig wind uit het noorden en iets meer wind uit het noordoosten. We zijn derhalve donderdag vertrokken en trapsgewijs naar het noordoosten gevaren. Met weinig wind naar het noorden op de motor en iets meer afvallen maar zeilend op de noordoosten wind. Het nadeel was wel dat we er ruim 12 uur langer over zouden doen en bij nacht aankomen.
De eerste dag veel op de motor direct naar het noorden gevaren met veel golfslag. Helaas sloeg daardoor ook de zeeziekte toe. Die heeft twee dagen en een nacht aangehouden. Het wachtschema ging onverminderd door en werd een heel zware opgave. Ik kan gerust stellen dat dit de zwaarste tocht ooit is geweest. Gelukkig was het de derde dag over en kon ik me weer concentreren op het binnenlopen van een vreemde haven aan de Franse kust bij nacht. Nu probeer ik een dergelijke nachtelijke aanloop van een vreemde haven altijd te vermijden. In dit geval wilden we niet langer op zee blijven dan echt noodzakelijk omdat het een weerraam was van drie dagen. Daarnaast zag ik op de derde dag in de ochtend op de navtex een melding dat er een noordoost 6 zat aan te komen. Het binnenlopen ging ten koste van de nachtrust maar om 5 uur in de ochtend van dag vier liepen we Camaret sur Mer binnen. De haven was redelijk vol en er waren geen vrij plekken meer. We hebben afgemeerd aan een Dufour 455. Dat ging heel zacht maar de eigenaar kwam direct naar buiten met de mededeling ik ga straks om 8 uur weg. En dat terwijl wij juist wilden gaan slapen. Maar goed er was niet zoveel keus en was het een hazenslaapje. Nadat hij vertrokken was zijn wij op zijn plaats aan de steiger gaan liggen en terug in bed. Om 8 uur en drie uur na de aankomst kwam de voorspelde windkracht 6 uit het noordoosten. Wij lagen gelukkig goed. Toen ik in de middag over de baai keek zag ik dat het aanlopen makkelijker was dan gedacht. Zekerheid voor alles.
De wind blijft van zondag tot woensdagnacht zo staan met als enig verschil oplopend naar een windkracht 7 en woensdag zelfs een 8.
Voor donderdag zit er weer een gaatje in het weerbeeld om over te steken naar de Engelse zuidkust en onder beschutting van de zuidkust een stukje langs de kust te blijven varen. Weer niet van lange duur en ergens zullen we een haven moeten binnenlopen want de wind draait weer terug naar het noordoosten met een 5 en daarmee willen we niet voorbij het nauw van Calais geconfronteerd worden.